Veelgestelde vragen corona en huisartsenzorg

1. Mogen alternatieve medische hulpmiddelen (zoals mondmaskers) worden ingezet bij tekorten?
2. Hoe zit het met zorg op afstand?
3. Hoe zit het met naleven van stroomschema’s bij telefonische triage van het Corona virus?
4. Hoe richt ik de huisartsenpraktijk in?
5. Hoe zit het met het gebruik van beschermingsmiddelen?
6. Mag ik mijn medewerkers vragen naar de aard van de klachten en/of deze medewerkers medisch testen?
7. Hoe zit het met de beschikbaarstelling van patiëntengegevens in het Landelijk Schakelpunt?
8. Zijn er financiële maatregelen getroffen om huisartsenpraktijken en huisartsenposten te ondersteunen? (30 maart 2020)

Hieronder treft u een aantal specifieke FAQ’s voor de huisartsenzorg aan. Op onze algemene pagina over de gevolgen van de corona-uitbraak voor zorgaanbieders vindt u meer algemene informatie.

1. Mogen alternatieve medische hulpmiddelen (zoals mondmaskers) worden ingezet bij tekorten?

Ja, dat kan, maar wel onder voorwaarden. IGJ vermeldt op haar website dat bij een tekort alternatieven mogen worden gebruikt, maar dat de zorginstelling wel verantwoordelijk blijft voor de kwaliteit van zorg.

Wat de adviezen zijn ten aanzien van het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen, waaronder mondmaskers, staat uitgewerkt op de website van het NHG. Het stappenplan van het RIVM over het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen verduidelijkt ook veel.

Hier leest u meer over medische hulpmiddelen.

2. Hoe zit het met zorg op afstand?

Vanwege het corona virus heeft de NZa de bekostiging voor zorg op afstand verruimd. Dit geldt ook voor huisartsen. Verplichtingen als het hebben van face-to-face contact gelden momenteel dus niet.

Om meer duidelijkheid te geven over het declareren van deze zorg heeft de NZa een informatiekaart gepubliceerd. Over huisartsenzorg staat daarin het volgende:

“Het maakt niet uit of een consult digitaal, telefonisch of fysiek plaatsvindt omdat de zorgprestaties algemeen omschreven zijn. Alleen de duur van het consult maakt uit: kort, normaal of lang. Dit geldt voor een consult bij de huisarts en de poh-ggz.”

Op deze pagina kunt u meer lezen over zorg op afstand.

3. Hoe zit het met naleven van stroomschema’s bij telefonische triage van het Corona virus?

NHG heeft op haar website uiteengezet welke hulpmiddelen in de huisartsenpraktijk gebruikt kunnen worden in het kader van het leveren van de zorg op afstand. Zo is het bijvoorbeeld van belang dat de veiligheid van de gebruikte apparatuur niet uit het oog verloren wordt.

4. Hoe richt ik de huisartsenpraktijk in?

Huisartsen hebben op grond van de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (hierna: “WGBO”) een zorgplicht. Deze zorgplicht brengt met zich dat hulpverleners in beginsel de plicht hebben om zorgbehoevenden – naar het beste vermogen – te behandelen. Dit geldt ook voor een met het corona virus besmette patiënt, dus zal de zorg in beginsel ook toegankelijk moeten zijn. De praktijk van de huisarts dient wel op de huidige situatie te worden aangepast.

Het advies is zoveel mogelijk de landelijke richtlijnen in het kader van het corona virus te volgen en besmetting zoveel mogelijk te voorkomen. De Landelijke Huisartsen Vereniging heeft op haar website praktische tips gegeven voor de huisartsenpraktijk zoals:

  1. Beperkt u waar mogelijk het aantal (potentiële) overdrachtsmomenten van het virus in de praktijk, zoals zoveel mogelijk telefonisch afhandelen;
  2. Volgt u het geadviseerde beleid bij het beoordelen van patiënten verdacht voor COVID-19;
  3. Licht u uw patiënten voor, zoals een verwijzing naar Thuisarts.nl;
  4. Informeer uw medewerkers;
  5. Volgt u het testbeleid;
  6. Zorg dat u op de hoogte bent.

Over het weigeren van een patiënt kun u op onze algemene pagina meer lezen.

5. Hoe zit het met het gebruik van beschermingsmiddelen?

Onderdeel van kwalitatief goede zorg is dat er aandacht is voor hygiëne en infectiepreventie. Zeker in deze tijden kan het niet alleen voor patiënten maar ook voor zorgpersoneel van levensbelang zijn dat hygiënevoorschriften strikt worden nageleefd, waarvan het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen deel uitmaken. Wat als er een tekort is? Dat leest u hierboven bij vraag 1.

NHG heeft op haar website  een advies gepubliceerd voor het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen buiten het ziekenhuis, gespecificeerd voor de huisartsenpraktijk en de huisartsenpost. In het advies staat beschreven hoe en wanneer persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt moeten en kunnen worden in de huisartsenpraktijk en de huisartsenpost (inzake COVID-19).

Huisartsenpraktijken kunnen middels het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH) een aanvraag indienen voor een bestelling van beschermingsmiddelen, de aanvraag verloopt dus niet meer via het Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ). Het portaal voor de aanvraag wordt onderhouden door Mediq: https://medbis.nl/html/medbis/registration

6. Mag ik mijn medewerkers vragen naar de aard van de klachten en/of deze medewerkers medisch testen?

Het uitgangspunt van de Algemene verordening gegevensbescherming (hierna: AVG) is dat de werkgever, medewerkers niet mag vragen naar de aard van de ziekteklachten en dat deze medewerkers niet medisch mogen worden getest op initiatief van de werkgever. Het gaat in beide gevallen namelijk om een verwerking van medische gegevens (bijzondere persoonsgegevens), hetgeen op grond van de AVG – behoudens uitzonderingsgevallen – niet is toegestaan. Vanwege de huidige corona situatie, heeft de Autoriteit Persoonsgegevens (hierna: AP) één en ander hieromtrent versoepeld.

Zo geldt dat het is toegestaan om een medewerker die ziek is (en symptomen van besmetting met het corona virus vertoont), te vragen om thuis te blijven of naar huis te sturen. Daarnaast heeft de AP eerder bekend gemaakt dat het in de zorg wél is toegestaan om medewerkers medisch te (laten) testen. Het RIVM heeft hiertoe ook een Inzet- en testbeleid opgesteld ten aanzien van medewerkers in de huisartsenpraktijk, welke kan worden gevolgd indien een medewerker ziek is.

Voor meer algemene informatie omtrent het corona virus en de privacy van medewerkers, verwijzen wij u naar onze pagina corona en privacy.

7. Hoe zit het met de beschikbaarstelling van patiëntengegevens in het Landelijk Schakelpunt?

In beginsel mogen patiëntengegevens slechts beschikbaar worden gesteld in het Landelijk Schakelpunt (hierna: LSP) indien een patiënt hier uitdrukkelijk toestemming voor heeft gegeven. Dit is zo bepaald in de Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg (hierna: Wabvpz). De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft echter in een brief aan de Tweede Kamer bekend gemaakt af te willen wijken van dit uitgangspunt. Zo zou het mogelijk moeten zijn om huisartseninformatie automatisch beschikbaar te stellen voor de Huisartsenpost, behoudens het geval dat een patiënt hier bezwaar tegen heeft gemaakt. Dit omdat veel patiënten geen toestemmingskeuze hebben gemaakt, waardoor er veel tijd gepaard gaat met het uitvragen van de patiëntgegevens. Dit voorstel wordt momenteel verder uitgewerkt. Voor meer informatie hieromtrent verwijzen wij u naar vraag 7 op onze pagina corona en privacy.

Update 3 april 2020

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft inmiddels haar visie kenbaar gemaakt. In een brief aan de Minister VWS staat deze visie. Kort gezegd is de voorgestelde constructie (gegevensuitwisseling patiënten zonder toestemming) wat de AP betreft niet bezwaarlijk onder de gegeven omstandigheden. De AP benadrukt wel dat (i) de naleving van het toestemmingsvereiste voor de raadpleging van patiëntgegevens leidend blijft en (ii) er geen afbreuk moet worden gedaan aan het medisch beroepsgeheim en vertrouwelijke gegevensuitwisseling.

Concreet kan dit gaan betekenen dat ook de gegevens van patiënten die niets kenbaar hebben gemaakt uitgewisseld kunnen worden met huisartsenposten. Dit is dus een grote verandering ten opzichte van de huidige situatie en de AP omkleedt deze mogelijkheid met 3 aanvullende voorwaarden:

  • Iedere zorgverlener moet op de hoogte zijn (dat er een groep patiënten is van wie gegevensuitwisseling plaatsvindt, zonder toestemming);
  • Alleen op de huisartsenposten en de spoedeisende hulp en voor zover noodzakelijk is dit mogelijk;
  • De zorgverleners moeten voorafgaand aan raadpleging van informatie van de huisarts toestemming vragen van de patiënt, tenzij de patiënt daar niet meer toe in staat is.

Als deze constructie wordt doorgevoerd, is nu dus duidelijk hoe de AP ertegen aankijkt. Het is dus afwachten in hoeverre er een juridische basis wordt gecreëerd om deze gegevensuitwisseling zonder toestemming mogelijk te maken. Als dat gebeurt, is het van groot belang dat de huisartsenposten het beleid van de AP hieromtrent invoeren, aangezien afwijking van het een en ander (ook in de woorden van de AP) nog altijd een privacyschending en/of schending van het beroepsgeheim kan opleveren.

Update 9 april 2020

Inmiddels is het Ministerie VWS gezamenlijk met de AP, de IGJ en het OM tot een beleidslijn gekomen over het delen van patiëntgegevens. De tijdelijke oplossing staat opgenomen in de kamerbrief van de Minister van 8 april 2020.

LHV geeft aan dat er momenteel aan de technische voorbereiding gewerkt wordt, zodat de nieuwe werkwijze in de week na Pasen in kan gaan.

In afwijking van de Wabvpz mogen huisartsen het medisch dossier van patiënten beschikbaar stellen in een elektronisch uitwisselingssysteem, ook indien de patiënt hier (nog) geen uitdrukkelijke toestemming voor heeft gegeven. Van belang hierbij is dat het voldoende is dat de medewerkers van de HAP/SEH de patiënt ter plekke om mondelinge toestemming vragen voor de raadpleging van de huisartseninformatie, tenzij de patiënt niet in staat is om toestemming te geven. In dat geval mag toestemming worden verondersteld als raadpleging noodzakelijk is voor de behandeling. Patiënten moeten de mogelijkheid behouden om (voorafgaand) bezwaar te maken tegen de beschikbaarstelling van medische gegevens (opt out-mogelijkheid).

Deze tijdelijke maatregel betekent feitelijk een beleidslijn van de betrokken instanties dat afgeweken kan worden van de wet en dat dat wordt gedoogd. Het is dus van belang dat zorgaanbieders intern vastleggen dat deze regeling geldt en dat daar gebruik van gemaakt wordt, om discussie achteraf te voorkomen. Het is een tijdelijke maatregel, welke geldt voor de duur van de corona crisis.

Wij houden u op de hoogte van de ontwikkelingen op dit onderwerp.

8. Zijn er financiële maatregelen getroffen om huisartsenpraktijken en huisartsenposten te ondersteunen?

Ja, het LHV, VPH, InEen hebben met de NZa en zorgverzekeraars afspraken gemaakt over verschillende financiële ondersteuningsmaatregelen voor de huisartsenpraktijk en huisartsenpost.

Op de website van LHV staan de volgende afspraken voor  huisartsenpraktijken:

  1. Het intensieve zorgtarief (dag- en ANW-tarief) mag worden gedeclareerd voor visites aan patiënten die (mogelijk) besmet zijn met het corona virus. Wijziging met terugwerkende kracht tot 1 maart jl.
  2. Tijdelijk moduletarief corona: huisartsenpraktijken kunnen in het tweede kwartaal van 2020 deze module declareren. Hiermee kunnen alle huisartsenpraktijken eenmalig €10 per patiënt in rekening brengen. De ontwikkeling van productie en kosten wordt nauwgezet gemonitord (o.a. op basis van Vektis-data) om te kunnen beslissen wat er in het derde kwartaal nodig is. Deze module is sinds 17 april jl. beschikbaar.
  3. Tijdelijk opschorten van de contractuele voorwaarden voor declaratie van moduletarieven en ketenzorgtarieven. De NZa en zorgverzekeraars zijn hiermee akkoord en zullen de declaraties coulant behandelen.
  4. Praktijken die ondanks bovenstaande maatregelen in de financiële problemen komen, kunnen zich melden bij de preferente zorgverzekeraar. Zorgverzekeraars maken hiervoor een lijst met contactgegevens van de zorgverzekeraars.

Op de website van LHV staan de volgende afspraken voor huisartsenposten (ANW-zorg):

  1. Tijdelijke mogelijkheid om huisartsen die extra worden ingeroosterd vanwege corona een opslag van € 15 op de € 78 te mogen betalen (conform de bestaande regeling bij samenwerking met de SEH of ambulancezorg).
  2. Tijdelijke mogelijkheid om aanvullende budgetafspraken te maken met zorgverzekeraars vanwege extra gemaakte kosten vanwege corona.

LHV heeft een declareerwijzer opgesteld om de wijze van declareren in het kader van bovengenoemde afspraken te verduidelijken.

De NZa heeft bovenstaande afspraken officieel opgenomen in de Beleidsregel Huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2020 BR/REG-20133a (zie vanaf artikel 9).

  • Meld u nu aan voor onze nieuwsbrief!
    Wilt u op de hoogte worden gehouden van de laatste ontwikkelingen en veranderingen op juridisch gebied? Via onze nieuwsbrief krijgt u automatisch de laatste nieuwtjes via de e-mail toegestuurd.
  • Inschrijven nieuwsbrief